Home

Centraal-Afrikaanse staten met één stem naar VN-Klimaattop in Kopenhagen

Op de komende VN-Klimaatconferentie in Kopenhagen willen de CEEAC-lidstaten een gemeenschappelijk standpunt innemen. Dat werd zaterdag in Kinshasa beslist op de 14de gewone zitting van de Economische Gemeenschap van Centraal-Afrikaanse Staten (CEEAC), die momenteel wordt voorgezeten president Joseph Kabila van Congo. Hij fungeerde dan ook als gastheer. De CEEAC werd gesticht in 1983 en groepeert tien landen uit de regio: Angola, Burundi, Kameroen, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Congo-Brazzaville, de Democratische Republiek Congo, Gabon, Equatoriaal-Guinea, Sao Tomé en Principe en Tsjaad. Rwanda verliet in 2007 de CEEAC. De hoofdzetel is in Libreville.

Afrika krijgt het bijzonder moeilijk om zich aan te passen aan de klimaatverandering. Daar zijn zowat alle waarnemers het over eens. De belangrijkste economische sectoren - zeker de voedsellandbouw - zijn kwetsbaar voor de klimaatverandering. De heersende problemen, zoals armoede, corruptie, zwak bestuur en gewapende conflicten, maken het alleen nog erger. Als het in Kopenhagen niet tot een eerlijk akkoord komt, zal dat pijnlijke gevolgen hebben voor Afrika. Hoewel het continent het minst verantwoordelijk is voor de uitstoot van broeikasgassen is Afrika het slechtst voorbereid om zich aan te passen.

Wie concrete voorstellen ter voorbereiding van de top in Kopenhagen had verwacht, kwam echter bedrogen uit. De zeven aanwezige staatshoofden (de afwezigheid van president Dos Santos van Angola viel bijzonder op; zijn land is momenteel in een heftig conflict verwikkeld met buurland Congo over de wederzijdse uitwijzing van tienduizenden vluchtelingen) kwamen nauwelijks verder dan de oproep aan het adres van de leiders van de Afrikaanse Unie om zich niet te laten verdelen en het onderste uit de kan te halen. Eerder had ook de Ethiopische eerste minister Meles Zenawi al dreigende taal gesproken. Hij eiste veel meer geld voor Afrika van de rijke landen om aanpassingsprogramma's te kunnen financieren. Zijn eigen milieubeleid, of beter het gebrek eraan, werd al door verscheidene kritische waarnemers uit binnen- en buitenland aan de kaak gesteld. Meer dan 10 miljoen Ethiopiërs hebben momenteel voedselhulp nodig en de uitdroging en de ontbossing bedreigen de voedsellandbouw.

De CEEAC heeft de intentie uitgesproken om een nieuw regionaal ontwikkelingsfonds op te richten om de voedselzekerheid te verbeteren. Extra aandacht werd gevraagd voor het probleem van de uitdroging van het Tsjaadmeer. Deze binnenzee op de grens van vier landen (Tsjaad, Kameroen, Nigeria en Niger) dreigt helemaal te verdwijnen. In 1960 was het meer nog ruim 25.000 km² groot, in 2000 bleef er nauwelijks 1.500 km² over. Voor de vissers en landbouwers op de oevers dreigt een ecologische ramp als het meer helemaal zou verdwijnen. President Idriss Déby van Tsjaad werd verkozen als nieuwe CEEAC-voorzitter. (JVC)

Klik voor Radio Okapi over de CEEAC-bijeenkomst in Kinshasa

Klik voor Afrika vormt front tegen Kopenhagen (IPS-bericht) op PALA-website

Regio's: 

Lees ook

Groei en bnp obsessies in coronatijd

De obsessie met groei springt opnieuw in het oog in de berichtgeving over de gevolgen van de coronacrisis. Samenlevingen zouden te maken krijgen met iets als ‘negatieve groei’ van hun economie.

Staat wie zoiets schrijft of uitspreekt er niet bij stil dat groei nooit negatief kan zijn? Groei betekent groter worden, toename.

In het omgekeerde geval is het afname, achteruitgang of krimp, zoals watervoorraden die afnemen, krimpend bosareaal of achteruitgang van de mentale gezondheid… en dus ook economische krimp of achteruitgang.