Responsibility to Protect: uitbreiden naar economische, sociale en culturele rechten?
dinsdag, 24 maart 2009 - 10:39
Sinds de VN-Wereldtop van 2005 is de doctrine van de responsibility to protect (R2P), de verantwoordelijkheid van staten om de bevolkingi te beschermen tegen zware schending van mensenrechteni, algemeen aanvaard. Het gaat daarbij om drie welomschreven vormen van mensenrechtenschendingen: oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en genocide. Lidstaten van de VN hebben de plicht om hun bevolkingi tegen deze schendingen te beschermen. Indien ze dit niet kunnen of willen, hebben andere landen of regionale organisaties de verantwoordelijkheid om onder goedkeuring van de VN hiertegen op te treden. In uiterste gevallen zou dit aanleiding kunnen geven tot een militaire interventie met de bedoeling een einde te maken aan de mensenrechtenschendingen. Het is duidelijk dat in de praktijk dit principe vaak botst met de soevereiniteit van staten - de basis van het VN-handvest - en de politieke krachtverhoudingen in de VN-Veiligheidsraad. Toch hebben ook regionale organisaties (o.a. de Afrikaanse Unie) de verantwoordelijkheid van staten om hun bevolkingen te beschermen tegen zware mensenrechtenschendingen ondertussen opgenomen in hun charters.
In een nieuw rapport van de Britse denktank One World Trust pleiten de auteurs Elodie Aba en Michael Hammer ervoor om het R2P-principe ook uit te breiden naar andere terreinen van grootschalige en systematische schendingen van economische, sociale en culturele rechten. Al wijzen ze meteen op de politieke en praktische obstakels die hierbij komen kijken. Hun uitgangspunt is dat totnogtoe het R2P-principe al te zeer verbonden is met oorlogsomstandigheden. Maar ook los van gewapende conflicten kunnen mensenrechteni zwaar geschonden worden als staten niet willen of niet in staat zijn om effectief op te treden. Het recht of voedseli en het recht op wonen zijn twee voorbeelden die in het rapport worden aangehaald. Toen Birma in mei 2008 werd getroffen door zware overstromingen als gevolg van de doortocht van een orkaan, weigerde de regering buitenlandse hulpverlening waardoor het aantal slachtoffers fors steeg. Toen de Zimbabwaanse regering in 2007 systematisch illegaal gebouwde huizen begon te slopen, maakte ze vele burgers dakloos en ontzegde hen zo het recht op wonen. Volgens de huidige R2P-doctrine komen beide voorbeelden niet in aanmerking voor buitenlandse inmenging hoewel de fundamentele mensenrechteni van velen werden geschonden. De auteurs benadrukken wel dat eerst alle mogelijke vreedzame middelen moeten worden gebruikt om aan de mensenrechtenschendingen een einde te maken en dat dit geen nieuwe vorm van kolonialisme mag zijn. Ook de regering-Bush schoot zwaar tekort bij de hulpverlening in Louisiana aan de getroffenen van de orkaan Katrina. Toch zal niemand meteen gaan pleiten voor een buitenlandse interventie in de VS.
Organisaties van de civiele samenlevingi in West-Afrikai en Zuidoost-Aziëi toonden zich al ongerust over de uitbreiding van het principe tot economische, sociale en culturele rechten zolang de ongelijke machtsverhoudingen in de wereld blijven bestaan. (JVC)
Afbeelding
11 POLITIEKE DWAASHEDEN
Afbeelding
TRANSITIE. Onze welvaart van morgen
Afbeelding
COOPERATIES. Hoe heroveren we de economie?
Klik voor One World Tust-rapport Responsibility to Protect
het IMF is - samen met de Wereldbank - opgericht in 1944 in Bretton Woods (zie ook onder dat trefwoord). 185 landen zijn lid. Met bijna 17 procent van de stemmen bezit de VS – de grootste aandeelhouder – als enige een vetorecht. Beslissingen vereisen immers een meerderheid van 85 procent. Erg democratisch functioneert het IMF dus niet. De Europese Unie kan ook boven die 15 procent drempel uitkomen maar slaagt er niet in gezamenlijk op te treden. Het IMF moet de wereldeconomie in goede banen leiden en houdt zich daarom bezig met de ondersteuning van munten, de financiële stabiliteit en de kredietverlening aan staten. Maar er rijst kritiek op zijn groeimodel en het éénzijdige en onvoorwaardelijke geloof in liberalisering en privatisering. De IMF activiteit blijft immers niet zonder gevolgen voor het sociale beleid van landen. Lidstaten die steun wensen van IMF en Wereldbank moeten hun economie aanpassen en die structurele aanpassingsprogramma’s voorzien dikwijls zware besparingen met nefaste gevolgen voor onderwijs, gezondheidszorg, werkgelegenheid, armoedebestrijding. Zeker t.a.v. ontwikkelingslanden in geldnood is het IMF heel machtig want ze zijn afhankelijk van het Fonds om aan geld te geraken bij financiële instellingen. De macht in het Fonds is verdeeld volgens het aandeel dat landen hebben in het kapitaal. Veel macht dus voor wie veel geld heeft, voor de rijke landen. Dan is het wel vreemd dat de landen van de Europese Unie met veel meer kapitaalsinbreng dan de VS, er niet in slagen om hun meer sociale opvattingen, hun concept van de welvaartstaat en van de sociaal en ook ecologisch gecorrigeerde markteconomie door te drukken. Het is dus niet zonder reden dat er mondiaal protest te horen is tegen het IMF en dat de internationale vakbondswereld en de Internationale Arbeidsorganisatie wijzen op de negatieve sociale gevolgen en druk uitoefenen. Het IMF moet dringend zijn historische opdracht terugvinden, namelijk om de economieën en het geldverkeer zo te begeleiden dat de levensstandaarden verhogen, iedereen werk heeft en we kunnen leven in een meer welvarende en vreedzame wereld. De jongste jaren verliest het Internationaal Monetair Fonds van zijn pluimen en zijn invloed. Nogal wat ontwikkelingslanden betalen hun schulden af om af te raken van hun afhankelijkheid. Vooral in Azië onderzoeken de nieuwe succesvolle economieën, die op een immense berg geld zitten, of er alternatieven zijn voor het IMF. En zelfs de regeringen van arme landen hebben nu de keuze om niet langer aan te kloppen bij IMF of Wereldbank maar leningen aan te gaan bij bijvoorbeeld China.
Schrijf je in op de PALA nieuwsbrief
zijn we met te veel? In 2015 telt de wereld 7,350 miljard mensen. In de toekomst kijken is niet makkelijk, maar omstreeks 2050 zullen we in de medium schatting meest waarschijnlijk met zowat 9,73 miljard zijn. Ongeveer zoals vandaag zouden 1,29 miljard mensen in de nu rijke, vooral industriële landen leven, daar komt vergrijzing van. De nu veel armere landen zien hun bevolking aangroeien van goed 6,18 tot wel 8,44 miljard, met volgens sommigen dreigende overbevolking. Tegen 2100 zou de groei stevig terugvallen met een wereldbevolking van dan waarschijnlijk 11,21 miljard.
De mens zoekt voortdurend naar een beter leven. Die moeizame zoektocht is ook te lezen als een verhaal van rechten en vrijheden. Op 10 december 1948 schrijft de mensheid van dat verhaal de mooiste en meest unieke bladzijde. Die dag keurt de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens goed. Die Verklaring telt slechts 30 artikelen, maar is een ontzettend rijke en veelzijdige tekst. Het bevat zowel de burgerlijke en politieke vrijheden (art.1-21), de sociale en economische rechten (art. 22-25) als de culturele rechten (art. 22,26,27). Ook het recht op ontwikkeling is er reeds in vervat (art. 28). En zelfs dat rechten ook plichten meebrengen (art. 29). Tientallen verdragen en conventies hebben ze daarna aangevuld.
zijn we met te veel? In 2015 telt de wereld 7,350 miljard mensen. In de toekomst kijken is niet makkelijk, maar omstreeks 2050 zullen we in de medium schatting meest waarschijnlijk met zowat 9,73 miljard zijn. Ongeveer zoals vandaag zouden 1,29 miljard mensen in de nu rijke, vooral industriële landen leven, daar komt vergrijzing van. De nu veel armere landen zien hun bevolking aangroeien van goed 6,18 tot wel 8,44 miljard, met volgens sommigen dreigende overbevolking. Tegen 2100 zou de groei stevig terugvallen met een wereldbevolking van dan waarschijnlijk 11,21 miljard.
De mens zoekt voortdurend naar een beter leven. Die moeizame zoektocht is ook te lezen als een verhaal van rechten en vrijheden. Op 10 december 1948 schrijft de mensheid van dat verhaal de mooiste en meest unieke bladzijde. Die dag keurt de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens goed. Die Verklaring telt slechts 30 artikelen, maar is een ontzettend rijke en veelzijdige tekst. Het bevat zowel de burgerlijke en politieke vrijheden (art.1-21), de sociale en economische rechten (art. 22-25) als de culturele rechten (art. 22,26,27). Ook het recht op ontwikkeling is er reeds in vervat (art. 28). En zelfs dat rechten ook plichten meebrengen (art. 29). Tientallen verdragen en conventies hebben ze daarna aangevuld.
zie landbouw en voedsel waar heel wat Pala artikels zijn verzameld over dit themazie ook landbouw
De mens zoekt voortdurend naar een beter leven. Die moeizame zoektocht is ook te lezen als een verhaal van rechten en vrijheden. Op 10 december 1948 schrijft de mensheid van dat verhaal de mooiste en meest unieke bladzijde. Die dag keurt de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens goed. Die Verklaring telt slechts 30 artikelen, maar is een ontzettend rijke en veelzijdige tekst. Het bevat zowel de burgerlijke en politieke vrijheden (art.1-21), de sociale en economische rechten (art. 22-25) als de culturele rechten (art. 22,26,27). Ook het recht op ontwikkeling is er reeds in vervat (art. 28). En zelfs dat rechten ook plichten meebrengen (art. 29). Tientallen verdragen en conventies hebben ze daarna aangevuld.
Het loopt niet altijd even vlot, maar overal ter wereld geven steeds meer mensen uiting aan hun emancipatiedrang. Werknemers, boeren, vrouwen, landlozen, consumenten, minderheden, activisten voor milieu, mensenrechten, cultuur... ze verenigen zich in tal van organisaties. Op dat maatschappelijke middenveld tussen individu en overheid - de civiele samenleving dus - wordt het gelukkig alsmaar drukker. Daar is er met andere woorden veel sociale beweging.
Het armste continent, dat weten we allemaal. Maar in tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht is Afrika tevens het meest geglobaliseerde continent: de Afrikanen halen drie maal meer van hun povere inkomen uit internationale handel dan Europeanen of Amerikanen. Zij zijn dus veel meer ingeschakeld in de wereldeconomie dan andere continenten. Maar zij worden van de export van hun grondstoffen en landbouwgewassen niet rijker, zij verarmen er zelfs van. Dan spreken we beter van uitbuiting en niet van handel.
veruit het meest bevolkte continent op onze Aarde en vaak het werelddeel van de toekomst genoemd waarheen snel het zwaartepunt verschuift, vooreerst het economische.