Home

49. Wij zijn in oorlog... Maar anders dan we spontaan denken

Waaraan denken we bij het woord oorlog? Spontaan associëren we dat fenomeen vandaag met de oorlog die de Verenigde Staten in Irak voeren. Wie nogal slaafs met de massamedia ‘meedenkt' zal ook uitkomen bij de oorlog tegen terreur. Meer algemeen denken we aan het gebruik om conflicten met wapens uit te vechten, met fysiek geweld. Eeuwenlang trokken vooral nationale staten ten oorlog, al enkele decennia is vooral de burgeroorlog in opmars. Irak is, ietwat curieus, een mix van allebei.

Het is waar, in Irak wordt gevochten, de tol is zwaar. En terrorisme is inderdaad een kwaal die voor een menselijke wereld geen recht van bestaan heeft.
Maar op onze planeet woeden oorlogen die onnoemelijk veel meer slachtoffers maken en ons bestaan veel ernstiger bedreigen. Merkwaardig genoeg besteden we daar vrij weinig aandacht aan, gaan we er zelfs in grote mate achteloos aan voorbij.

Smerige oorlogen op de markten
Op de wereldwijde markten woeden onvervalste oorlogen. De uitkomst van deze botsingen van belangen, tussen de economisch machtigen en de massa onmachtigen, is dat de opbrengsten en de inkomsten schuiven in de richting van de machtigen.
In de loopgraven van deze economische oorlogen komen elke dag tienduizenden mensen om en verliezen honderdduizenden anderen hun bestaan. Dit zijn van de meest smerige oorlogen die hun slachtoffers dikwijls geniepig maken, net zoals landmijnen dat doen.
De markten en de machtigen moeten geen verantwoording afleggen over de rijkdommen die overal door malafide bedrijven worden ingepikt voor te weinig geld, zodanig dat samenlevingen geen middelen overhouden voor inkomensherverdeling, goede gezondheidszorg en onderwijs;
ze moeten zich niet verantwoorden voor de veel te karige beloning voor arbeid, zodanig dat zelfs werkende mensen niet fatsoenlijk kunnen leven van hun loon;
ze verantwoorden zich niet voor de inkomensongelijkheid die ze veroorzaken, en niet voor de honger die ze creëren;
ze doen dat evenmin voor de corruptie die ze installeren, of voor de belastingen die ze ontduiken, of voor de milieugoederen die ze vernietigen, of voor de betaalbare geneesmiddelen die ze weigeren te verschaffen, of voor de democratie die ze ondermijnen...
De markten en machtigen voeren dag aan dag hun grote oorlog tegen de mensenrechten, een oorlog die miljoenen mensen hun rechten op leven ontneemt, en zijn daarbij onschendbaar. Althans, zo laten wij ons wijsmaken, want dat ze zo tekeer kunnen gaan, is alleen maar omdat we ze laten begaan. Niets verbiedt ons om de markten te verplichten de mensenrechten te respecteren.

De derde wereldoorlog
Intussen is ook de nieuwe wereldoorlog begonnen, ook al beseffen weinigen dit. Hij haalt natuurlijk niet het televisiejournaal of de voorpagina's van de kranten. Toch is hij zelfs al lang voorbij de fase van de ‘drôle de guerre' die sommigen menen te ontwaren. Het is de oorlog die we voeren tegen onze eigen planeet.
We voeren een ‘biogenocide' tegen de biodiversiteit. Het woord is geenszins overdreven want we laten planten en dieren verdwijnen aan een tempo dat naar schatting 1000 keer hoger ligt dan de natuurlijke snelheid van uitsterven. Nochtans is de mens afhankelijk van die biodiversiteit om te leven.
En we warmen onze planeet op. De gevolgen van die mishandeling zijn deels onvoorspelbaar maar wel altijd pijnlijk want de leefbaarheid van ons ‘huis' zal achteruit gaan. (1) En diegenen die het minst of zelfs helemaal niet verantwoordelijk zijn voor de opwarming, krijgen de zwaarste klappen. Arme eilandstaten verdwijnen (deels) onder water, grote delen van Afrika worden droger, de landbouwopbrengsten zakken, tientallen miljoenen inwoners van het dicht bevolkte Bangladesh moeten verhuizen, en nog veel meer mensen in andere ondergelopen regio's en steden overal ter wereld verliezen alles.
Alle landen die weigeren om het extra broeikaseffect dat de mens creëert af te remmen, verklaren de oorlog aan onze planeet en aan de huidige en vooral toekomstige slachtoffers van die opwarming. Zij zijn, met de Verenigde Staten jammer genoeg op kop, verantwoordelijk voor het ondergraven van onze economieën en de ongeziene welvaartsdaling die op ons afkomt. Die zal massaal veel mensen onnodig het leven kosten en nog veel meer mensenlevens ruïneren, zelfs in de VS, of zijn we de orkaan Katrina al vergeten? Het is een Amerikaan, Joseph Stiglitz, die in zijn jongste boek (2) zijn eigen land een schurkenstaat noemt omdat ‘het bereid is het welzijn van de wereld in gevaar te brengen om zijn eigen kwistige levensstijl te behouden'.

En waarom deze oorlogen? Omdat zowel in de marktenoorlogen als in de klimaatoorlog de kortzichtige economische en financiële belangen van kleine minderheden het winnen van het algemeen belang.
Maar er is altijd al in de menselijke geschiedenis één uitzondering geweest waarbij de economie moet wijken en dienstig zijn, dat is in geval van oorlog in de klassieke betekenis.
Wel, vandaag zijn we in oorlog, maar dan in de eerste plaats de grote oorlog tegen losgeslagen markten die moordende inkomensongelijkheid meebrengen en samenlevingen hun inkomen afnemen, de wereldoorlog tegen de ecologische catastrofes en de honderdjarige oorlog tegen de ontkenning van democratie en mensenrechten. Om die oorlogen te winnen eisen we de economie op. Het algemene belang, van de mensheid en de aarde waarop zij woont, verplicht ons om de economie te laten werken voor iedereen en om daarbij de aarde te respecteren. Bij de grote meerderheid van de landen, rijke én arme, groeit dit besef dat we in oorlog zijn. Dit is voor ons allemaal zo immens belangrijk én zo urgent dat geen enkel land nog langer kan tolereren dat schurkenstaten en ook schurkenondernemingen het rechtmatige inkomen van andere samenlevingen inpikken of niets doen aan het broeikaseffect.

Dirk Barrez, 16 januari 2007

(1) Voor de achterhoede van klimaatsceptici, het is waar, natuurlijk is er leven na de opwarming. Het is niet omdat Amsterdam, Antwerpen, New York en Sjanghai onder water zullen verdwijnen - en nog veel meer steden, en vele van de vruchtbaarste landbouwgebieden op onze aarde - dat de menselijke samenleving niet zou kunnen overleven. We kunnen er zelfs voor kiezen om onze grote kunststeden te verhuizen en een nieuw onderkomen te geven op merkelijk hoger gelegen plaatsen. Maar dit is niet de makkelijkste weg om te gaan. Het is rationeler om dit niet te ondergaan en voor een andere weg te kiezen.
(2) Stiglitz Joseph, Eerlijke globalisering, 2006, Spectrum, p. 187 en 194

 

Regio's: 

Lees ook

VOORDEELAANBOD - 15 i.p.v. 27 EURO - Het mondiale uitzendkantoor. Waardig werk in tijden van globalisering en crisis - boek+dvd

Fruitplukster, fabrieksarbeider, gezondheidswerker, websitebouwster of postbode, we moeten (bijna) allemaal werken om te leven, niet evident. De globalisering van de economie maakte vele landen rijker, tegelijk groeide de inkomensongelijkheid in de meeste landen. Bedrijven jagen op de goedkoopste en minst beschermde arbeid. Mee door internet besteden ze als nooit tevoren het werk uit in hun mondiale uitzendkantoor. Zo zakt bijna overal het aandeel van de lonen in de welvaart. Dat kan beter? In sommige landen verbetert de positie van werknemers. En de aanpak van milieuproblemen is overal één grote schreeuw om werk. We moeten een economie bouwen die én sociaal is én ecologisch én democratisch.

BOEK - VAN EILAND TOT WERELD. Appèl voor een menselijke samenleving

klik hier om het boek te bestellen

Van overal reizen afgevaardigden naar het eiland Pala om het verhaal en het programma van de goede samenleving te schrijven, met een economie die eindelijk van ons is, die de aarde geen geweld aandoet en waarvan de welvaart eerlijk verdeeld raakt, met mondiale sociale zekerheid en een aardegebruiksrecht voor iedereen.

Aan al wie beweert dat het nastreven van utopieën gevaarlijk is, antwoorden we: ‘Hadden we dan geen welvaartstaten moeten afdwingen? Of geen gelijke rechten voor man en vrouw? Wij hebben de vrijheid om ons leven te verbeteren.’

Dit boek doorbreekt de crisis van de verbeelding en ziet wel alternatieven. De auteur durft opnieuw de grote verhalen brengen.