Home

33. Meer en beter wereldbestuur is dringend nodig

Als je de zeeën proper wil houden zodat je de vis op je bord opnieuw kan vertrouwen, als je maag zich omkeert van massamoorden in Soedan of elders en van ongecontroleerd geweld, als groeiende inkomensongelijkheid je zorgen baart, als je de toegetakelde planten- en dierenrijkdom op aarde wil bewaken, als je de toenemende macht van multinationals wil controleren, als je het onaanvaardbaar vindt dat vakbondsvrijheid in China en andere landen dode letter blijft, als je vreest voor de ontwrichtende gevolgen van al te krachtige migratiestromen, als je het versterkte broeikaseffect fors wil tegengaan, als je vindt dat landen niet zomaar een ander land kunnen binnenvallen… dan heb je te maken met fenomenen die zich niets aantrekken van grenzen of de krachten van afzonderlijke landen te bovengaan. En dus is er nood aan vormen van mondiaal bestuur om die problemen en ontwikkelingen te beheersen en te beheren.

Hoe naïef… dat is de voorspelbare reactie die je meteen riskeert indien je dit verdedigt. Tja, als het van bekrompen geesten zou afhangen, probeerden we misschien nog met stadsstaten moeizaam onze weg in de wereld te zoeken.
Laat je niet te gauw wijsmaken dat wereldbestuur enkel voor naïeve dromers zou zijn, en dus onmogelijk.
Trouwens, we zijn al volop bezig met sommige vormen van wereldbestuur.
Of bestaan het Internationaal Monetair Fonds (IMF), de Wereldbank en de Wereldhandelsorganisatie (WTO) misschien niet? De eerste twee
zijn opgericht na de tweede wereldoorlog voor de heropbouw en om de wereldeconomie in goede banen te leiden. Dat lukte vrij goed maar sinds enkele decennia zijn IMF en Wereldbank – later vergezeld van de WTO - afgegleden naar het gangmakerschap van een wel zeer eenzijdige economische globalisering, waarbij de markten niet vrij genoeg kunnen zijn, alles op aarde best in privé handen overgaat en de overheden bij voorkeur afwezig blijven.
Maar of we het nu eens of oneens zijn met de economische en financiële wereldpolitiek die ze voeren, IMF, Wereldbank en WTO bestaan wel zeker. En als dat niet het geval zou zijn, zouden we ze moeten uitvinden. Want als de economieën van de wereld zo verweven zijn met elkaar dat wat we eten uit alle windrichtingen komt, dat onze verbruiksgoederen in grote mate van de andere kant van de aarde komen en geld bliksemsnel de globe rondflitst, hebben we inderdaad nood aan zoiets als een wereldministerie van handel, en van financiën, en is er een wereldbank nodig... alleen moeten ze dan wel een beleid voeren in het belang van alle mensen.
Hier is al eens geschreven dat het is alsof de economie in de mondiale Champions League speelt, terwijl de politiek en de samenleving vooral nog in de nationale competities spelen. Die wereldeconomie beschikt dus blijkbaar ook al over de nodige instrumenten en mondiale instellingen om afspraken en zelfs dwingende regels te maken. Op dit ogenblik vertolken zij echter vooral het belang van de sterkste economische spelers. Zij vergeten dat economie om mensen moet draaien en welvaart in het bereik van iedereen moet brengen. Het komt er nu op aan om IMF, Wereldbank en WTO dringend te democratiseren zodat ze besturen in het belang van de hele wereldbevolking.

Maar in diezelfde wereld verhuizen jobs doorheen de halve wereld, kunnen de arbeidsrechten straffeloos worden overtreden, is het milieu een onbeschermde schat waaruit naar hartelust geroofd mag worden en kunnen massamoordenaars ongestraft tekeergaan in Darfur. Waar zijn dan ons wereldministerie van arbeid, sociale zaken en milieu? Waar is de internationale VN-politie?
Hier past nuancering, want de situatie is niet helemaal zwart-wit. Onze grootouders en overgrootouders waren immers verstandiger dan wij. Al in 1919 richten ze de Internationale Arbeidsorganisatie op waarin zowel overheden, werknemers als werkgevers zitten. Dat is het fundament voor wat gemakkelijk een heel democratisch wereldministerie van arbeid en sociale zaken zou kunnen worden. Al vele tientallen sociale normen heeft IAO uitgevaardigd, waarop wachten we om die net als de WTO regels stelselmatig verplichtend te maken in de hele wereld, en zeer snel voor de basisnormen die we allemaal kennen: geen dwangarbeid, geen kinderarbeid, geen discriminatie op de werkvloer, vrijheid van vereniging en het recht op collectieve onderhandelingen.
In 1945, bij de oprichting van de Verenigde Naties, voorziet de wereld in instrumenten voor krachtige ordehandhaving om vrede en veiligheid te realiseren. Met al zijn gebreken bestaat de VN-Veiligheidsraad wel degelijk. Na een oorlog is men dikwijls wat wijzer. Waarop wachten we om eindelijk een permanente VN-politiemacht op te richten?
Met milieu heeft de wereld het moeilijker, het leren verloopt nog trager. Pas in 1972 is de UNEP opgericht, het Milieuprogramma van de Verenigde Naties. Onze mondiale milieu-inspanningen verlopen ook al te veel verspreide slagorde. Maar er zijn dus wel degelijk bouwstenen voor een internationaal milieuministerie.

Zelfs over de rangorde der zaken is er al lang geleden denkwerk verricht. Bij de oprichting van de Verenigde Naties kwam er niet enkel een Veiligheidsraad maar ook een Economische en Sociale Raad. Men wilde met andere woorden de economie niet buiten of boven de samenleving plaatsen. Integendeel, men maakte een klare keuze voor een economie die onze sociale ambities voor de wereld moet ondersteunen, dus voor een economie in dienst van mens en samenleving. Maar we zijn daarna wel zo dom geweest om die Economische en Sociale Raad onmachtig te houden, en een volgende generatie lijkt die optie gewoonweg vergeten.
Waarop wachten we om die Economische en Sociale Raad de leiding toe te vertrouwen van het sociaal-economische wereldbeleid? Waarom geven we niet meteen ook ecologie mee als bevoegdheid zodat hij op al die terreinen kan functioneren als een soort wereldregering? Die leiding moet hij natuurlijk ook uitoefenen ten aanzien van IMF, Wereldbank en WTO. Het is de aangewezen manier om deze falende instellingen aan banden te leggen en, beter nog, hen te verplichten werk te maken van een wereldeconomie die mens en milieu respecteert.
Zij moeten aanvaarden dat de Economische en Sociale Raad de dwingende bakens uitzet voor een sociaal en ecologisch verantwoorde wereldeconomie en dat zij mee dit algemene beleid moeten uitvoeren.

Om af te ronden, twee kanttekeningen die niet onder de mat mogen belanden. Vanzelfsprekend moet mondiaal bestuur ook democratisch bestuur zijn. We zijn dus veroordeeld om na de democratie op lokaal en nationaal vlak ook de mondiale democratie uit te vinden - en tussendoor ook de Europese niet te vergeten.
Al even vanzelfsprekend zal de wereld nog andere vormen van internationaal bestuur moeten verkennen, waarbij b.v. ook de privé sector en de georganiseerde civiele samenleving een rol kunnen spelen.

 

Dirk Barrez, journalist en auteur, 28 december 2005

 

Reageren en meedenken kan op ons forum, onder het discussiethema Kunnen we democratisch samenleven?  Zorg voor korte, doordachte bijdragen, zo komen we samen verder.

Overname van de brief door niet-commerciële initiatieven of verenigingen mag, mét volgende bronvermelding: Dirk Barrez, PALA nieuwsbrief over onze globaliserende wereld, voor gratis abonneren en forum surf naar www.globalsociety.be. Wij vernemen dat graag met een mail naar info@globalsociety.be

Voor wie nog meer discussiestof wil, surf naar het boek op deze site en lees vooral deel 10 'Kunnen we democratisch samenleven?’.

 

Regio's: 
Thema: 

Lees ook

Groei en bnp obsessies in coronatijd

De obsessie met groei springt opnieuw in het oog in de berichtgeving over de gevolgen van de coronacrisis. Samenlevingen zouden te maken krijgen met iets als ‘negatieve groei’ van hun economie.

Staat wie zoiets schrijft of uitspreekt er niet bij stil dat groei nooit negatief kan zijn? Groei betekent groter worden, toename.

In het omgekeerde geval is het afname, achteruitgang of krimp, zoals watervoorraden die afnemen, krimpend bosareaal of achteruitgang van de mentale gezondheid… en dus ook economische krimp of achteruitgang.