Home

52. Voorbij de Kyoto hype. Een ecologische economie vereist een ecologisch pact


Van overdreven daadkracht kan je de Europese politieke leiders zelden beschuldigen. Maar soms lukt het toch, als het besef groeit over wat nodig is. De Europese Unie heeft beslist om de uitstoot van broeikasgassen tegen 2020 te verminderen met twintig procent tegenover 1990, en zelfs met dertig procent indien andere industrielanden zich eveneens inspannen. Hernieuwbare energie moet in 2020 zorgen voor twintig procent van onze consumptie.

.

De eerste bedenking is natuurlijk of twintig, of zelfs dertig procent, genoeg is. Meer en meer vertelt de wetenschap ons overtuigend dat we verder moeten gaan om schade en brokstukken te vermijden aan ons ruimteschip aarde. De gewenste daling bedraagt voor de hele wereld zestig tot tachtig procent in de komende decennia.
En voor Europese landen ligt de lat hoger. Dat is vanzelfsprekend voor wie beseft dat de rijke, geïndustrialiseerde landen ruimte moeten scheppen voor de welvaartsgroei van al te arme landen als Ethiopië, Bangladesh of Haïti die nu amper broeikasgassen voortbrengen... maar al even weinig welvaart.
Wat wij in Europa nodig hebben, is een ecologische economie die onze welvaart voortbrengt met tienmaal minder materiaalgebruik en tienmaal minder energie-inzet. En die energie zal dan in de eerste plaats hernieuwbare energie moeten zijn.
De Europese keuze voor alvast min twintig procent broeikasgassen is daarvoor een beloftevolle eerste aanzet.

___________________________________________________________

De meest noodzakelijke politieke beslissingen zijn het minst van al te realiseren via de klassieke politieke weg.

___________________________________________________________

Tweede bedenking geldt de uitvoering. Niet alles wat politici beslissen, raakt ook omgezet in praktijk. Bijkomend probleem is dat het de ledenlanden zijn die in actie moeten komen, en zij gaan nu volop discussiëren over wie wat moet doen.
In vele landen zal er intern ook politiek opbod zijn rond wie ‘meest groen' is. Dat is al zo in België, zeker in Vlaanderen. Dat opbod illustreert een zekere bewustwording maar leidt daarom niet tot een efficiënt beleid.
Neem één cruciale maatregel.
Snel evolueren naar grotere energie-efficiëntie vraagt dat de energieprijs drastisch omhoog moet. Vandaag is er geen enkele partij die daar onomwonden durft voor uitkomen.
De meest noodzakelijke politieke beslissingen zijn zo het minst van al te realiseren via de klassieke politieke weg.
Zelfs de al bij al makkelijke beslissing om alvast voor alle nieuwe scholen en overheidsgebouwen te kiezen voor passiefgebouwen die geen energie nodig hebben voor verwarming raakt niet genomen.

Wie een radicale overgang nastreeft naar een ecologische economie, wil eigenlijk een revolutie die een lange, volgehouden inspanning vergt van de hele samenleving. Die inspanning moet diverse regeerperiodes overbruggen. Ze vereist dus een duurzame politieke consensus over de politieke scheidslijnen heen.

In het verleden heeft België, soms op pijnlijke wijze, oplossingen gevonden voor zware maatschappelijke uitdagingen. Om de democratische en vrije toegang tot onderwijs voor iedereen te verzekeren is er een schoolpact gesloten. Daarmee kwam een einde aan het politieke bekvechten dat de geschiedenis is ingegaan als de schoolstrijd. Om ideologische en filosofische minderheden te beschermen, kwam er een cultuurpact. Zo erkent een volwassen samenleving dat een vrij en democratisch onderwijs en cultureel pluralisme de zaak is van iedereen en niet van toevallige politieke meerderheden of van één politieke stroming alleen.

Vandaag hebben onze Europese samenlevingen nood aan een ecologisch pact. Voorbij de politieke schoonheidswedstrijd van wie meest ‘groen', ‘sociaal groen', ‘economisch verantwoord groen' enzovoort oogt, hebben we een pact nodig waarbij de politieke partijen in overleg met de samenleving kiezen voor de uitbouw van een ecologische economie. De maatstaf is duidelijk, tienmaal minder materiaal en energie verbruiken, en dat zo omstreeks 2030.
Wanneer moeilijke politieke beslissingen, zoals energie heel duur maken, deel uitmaken van zulk ecologisch pact, is er een stevig én democratisch fundament om, over alle regeringen heen, werk te maken van die ecologische economie. Partijen kunnen elkaar dan geen domme vliegen meer afvangen in de kiesstrijd en de debatten concentreren op waar nog echte maatschappelijke keuzes moeten worden gemaakt.

.

Dirk Barrez, 15 maart 2007

.

U kan reacties mailen naar info@globalsociety.be.

Of een ecologische economie ook sociaal kan zijn, is stof voor een volgende PALAbrief.

 

Regio's: 

Lees ook

Groei en bnp obsessies in coronatijd

De obsessie met groei springt opnieuw in het oog in de berichtgeving over de gevolgen van de coronacrisis. Samenlevingen zouden te maken krijgen met iets als ‘negatieve groei’ van hun economie.

Staat wie zoiets schrijft of uitspreekt er niet bij stil dat groei nooit negatief kan zijn? Groei betekent groter worden, toename.

In het omgekeerde geval is het afname, achteruitgang of krimp, zoals watervoorraden die afnemen, krimpend bosareaal of achteruitgang van de mentale gezondheid… en dus ook economische krimp of achteruitgang.