Home

26. De ecologische schuldenlast. Keerzijde van globalisering

De economische globalisering verloopt in het nadeel van de meeste ontwikkelingslanden, zeker van de armste landen. Zij komen maar bekaaid uit de internationale handel en dat is één van de hoofdredenen waarom ze zijn opgezadeld met onbetaalbare schuldenbergen. Dat leerden we in themabrief 24 en ook dat het iets te simplistisch is om alle heil van schuldkwijtschelding te verwachten.
Het is nu tijd om torenhoge vraagtekens te plaatsen bij de legitimiteit van die financiële schuldenlast.

Want de welvaart van de rijken in de rijke landen eist een zware tol die in overgrote mate door de armen in het Zuiden wordt betaald. Eeuwenlang en tot vandaag zijn de mensen in de arme landen uitgebuit, ze verdienen te weinig aan hun bijdrage tot de welvaart in de wereld. Of het om koffie- of katoentelers gaat, of ze confectiewerk verrichten of plantagearbeid, garnalen pellen of de boekhouding ondersteunen, software schrijven of de nacht doen in een callcenter, ze krijgen geen loon naar werken.
Al even lang en ook nu nog zien de zuidelijke landen hun grondstoffen verkwanseld voor een habbekrats. Af en toe vormt olie een uitzondering en soms halen sommige grondstoffen wat betere prijzen. Maar de algemene regel is en blijft dat grondstoffen veel te goedkoop geëxporteerd raken en dat alle winst die er te rapen valt met hun verwerking tot halfafgewerkte of afgewerkte producten elders wordt opgeraapt.
Hetzelfde geldt vanzelfsprekend voor hun natuurlijke hulpbronnen die ze weggesleept zien uit hun bossen en viswateren.
Dikwijls raken ze ook beroofd van het genetische materiaal van hun rijke biodiversiteit én van hun eeuwenoude kennis over die biodiversiteit.

Het huidige economische systeem - dat in het voordeel functioneert van de rijke landen – legt een onrechtmatig hoog beslag op al die rijkdommen. Alleen al de overmatig veel exportgewassen die op hun gronden groeien, veroorzaken een ecologische kaalslag. Meer nog, dat beslag is zo groot dat die hulpbronnen gedeeltelijk of zelfs volledig vernietigd raken. Denk bijvoorbeeld aan de ontbossing en de overbevissing die natuurlijke rijkdommen als bossen en wateren bijna onherstelbaar beschadigen. Zo verliezen ze zelfs hun kapitaal, hun natuurlijk kapitaal.

Nog is het niet gedaan. Afval wordt gedumpt in tal van landen in het Zuiden, van zeeschepen die rijp zijn voor de schroot tot gifcontainers.

En dat Zuiden krijgt ook de opwarming van de aarde grotendeels te verwerken: ze mogen rekenen op meer en fellere stormen, op grotere overstromingen en op een stijgende zeespiegel die het vruchtbare land waar nu vele tientallen miljoenen mensen leven zal overspoelen. Het zijn vooral de rijke landen en amper de arme landen die broeikasgassen uitstoten maar de negatieve gevolgen daarvan zullen vooral op de arme landen terechtkomen, zelfs hun lucht is dus niet veilig voor de grijpgrage armen van deze economie.

 

Ecologische schuld

Meer en meer raakt voor deze relatie de term ecologische schuld ingeburgerd. Dat is de in de loop van vele jaren opgebouwde verantwoordelijkheid van de rijke industrielanden ten aanzien van de ontwikkelingslanden omdat deze voor een groot deel hun ontwikkeling en hun welvaart hebben gefinancierd. Over de afbetaling van die ecologische schuld praat niemand terwijl die veel groter is dan de financiële schuldenlast om de nek van de ontwikkelingslanden.

Uiteindelijk zal het erop aankomen te erkennen dat mensen overal willen kunnen leven en dat daarom de opbrengsten van onze aarde, de voortgebrachte welvaart, het inkomen en het werk veel beter verdeeld moeten geraken. Er is geen andere weg dan dat iedereen de lasten en de lusten van ons wereldhuis draagt en geniet. En wie in het verleden vooral lusten heeft genoten – mee daardoor zijn mensen en landen rijker dan andere – zal nu dus een extra inspanning moeten leveren om wat meer lasten te dragen. Maar laten we daarbij niet al te naïef te werk gaan, laten we ook goed nagaan bij wie in de rijke landen (en zelfs in de arme) die lusten vooral zijn terechtgekomen.

 

Dirk Barrez, journalist en auteur, 1 juli 2005

 

Reageren en meedenken kan op ons forum, onder het discussiethema  De verhandeling van rijkdom en armoede  Zorg voor korte, doordachte bijdragen, zo komen we samen verder.

Overname van de brief door niet-commerciële initiatieven of verenigingen mag, mét volgende bronvermelding: Dirk Barrez, PALA nieuwsbrief over onze globaliserende wereld, voor gratis abonneren en forum surf naar www.globalsociety.be. Wij vernemen dat graag met een mail naar info@globalsociety.be

Voor wie nog meer discussiestof wil, surf naar het boek op deze site en lees vooral deel 5 'Economie, draaischijf voor onze behoeften en ambities.

Regio's: 
Thema: 

Lees ook

Groei en bnp obsessies in coronatijd

De obsessie met groei springt opnieuw in het oog in de berichtgeving over de gevolgen van de coronacrisis. Samenlevingen zouden te maken krijgen met iets als ‘negatieve groei’ van hun economie.

Staat wie zoiets schrijft of uitspreekt er niet bij stil dat groei nooit negatief kan zijn? Groei betekent groter worden, toename.

In het omgekeerde geval is het afname, achteruitgang of krimp, zoals watervoorraden die afnemen, krimpend bosareaal of achteruitgang van de mentale gezondheid… en dus ook economische krimp of achteruitgang.