Home

Van zonnepanelen tot Electrabel: vind eens een land dat slechter bezig is

Hoe zijn we in die idiotie beland dat 100.000 gezinnen die hun elektriciteit niet kunnen betalen, toch mee betalen voor zonnepanelen? En hoe is het toch mogelijk dat we gaan schimpen op gezinnen die hun spaargeld deels in zonnepanelen investeren in plaats van een zware 4x4 te kopen of geregeld naar de Caraïben te vliegen? Bespeurt u geen lachende derde? En vooral wanbeleid en zelfs nonbeleid?

It’s the energy stupid

Een paar zaken vooraf. Zonder energie kan geen enkele samenleving functioneren. Maar om meer dan één reden loopt het tijdperk van fossiele energie en ook van kernenergie op zijn einde.

Energiezuinigheid en energie-efficiëntie vormen dan een topprioriteit. Twintig tot vijfentwintig procent van onze energie gaat naar verwarming – of afkoeling - van gebouwen… terwijl het toch mogelijk is om zo te bouwen dat er daarvoor amper of zelfs geen energie meer nodig is.

En, al even prioritair, de energie die we nodig hebben, moet zo snel mogelijk hernieuwbare energie zijn; ze moet komen van zon, wind, water, biomassa.

Het land van bedrijfswagens, amper geïsoleerde huizen en monopoliespelers

U kent zeker ook mensen die drie maal daags de auto gebruiken voor activiteiten die ze makkelijk in één keer hadden kunnen doen, of die allemaal afzonderlijk met de eigen auto rijden naar dezelfde activiteit vijftig kilometer verderop, omdat “met de auto rijden toch niets kost”. Is er één land te vinden waar meer bedrijfswagens rondrijden? Waar men teveel belaste arbeid dan maar ‘oplost’ op kap van het milieu, en dus slecht fiscaal beleid compenseert met nog slechter mlilieubeleid?

Of nog, is er één land te vinden, zo noordelijk gelegen, waar de huizen slechter zijn geïsoleerd dan bij ons? Eén land waar de regering zegt dat de isolatienorm minder streng moet zijn dan de norm die de bouwsector zelf als haalbaar voorstelt? Dat was nog maar een paar jaar geleden het geval in Vlaanderen. Toegegeven, sindsdien is het al iets minder slecht.

Is er één rijk land te vinden dat een manker energiebeleid voert?

Kent u één land waar men met taaie volharding – die op weinig andere beleidsterreinen te vinden is - één bedrijf een energiemonopolie blijft verschaffen? Terwijl energie toch in de eerste plaats een dienst van algemeen belang en openbaar nut is. En waar men er bovenop nog in slaagt die cruciale publieke dienst te verpatsen aan een buitenlands concern? Waar men lustig beweert de markt vrij te maken, terwijl er dus eigenlijk maar één speler is op die markt? Waar men dan nog kan ‘verschieten’ dat de energieprijzen hoger zijn dan in het buitenland? En waar men weigert paal en perk te stellen aan die ingepikte monopoliewinsten; zelfs nog maar ze te belasten is blijkbaar onmogelijk?

Waar men ruzie maakt over zonnepanelen en windmolens

De noodzaak dan van een snelle omschakeling op hernieuwbare energie. Even in het verleden duiken helpt om duidelijk te maken hoe nefast of onbestaand energiebeleid is.

Een zekere Guy Verhofstadt, nog altijd niet geheel onbekend, besliste dat onderzoek naar hernieuwbare energie een overbodige luxe was.

In de jaren tachtig van vorige eeuw – na twee hevige energiecrises in de jaren zeventig – besliste een zekere Guy Verhofstadt, nog altijd niet geheel onbekend, dat onderzoek in hernieuwbare energie een luxe was die het land zich niet kon veroorloven. Tientallen jaren bakken geld spenderen aan kernenergieonderzoek is echter nooit een probleem geweest. Tot vandaag zijn we daarin koploper en is er blijkbaar geen geldgebrek.

De ene stommiteit ondervindt echter altijd concurrentie van andere. Wie kan begrijpen dat een land beslist tot de uitstap uit kernenergie zonder dat men echt werk maakt van vervangende energieproductie? En - niet vergeten - zonder dat men het energieverbruik tracht terug te dringen?
Ga kijken in Duitsland, daar kan men echt overwegen om snel uit kernenergie te stappen, want investeren in hernieuwbare energie is er niet bij loze woorden gebleven; daar zijn pas echt veel zonnepanelen en windmolens te zien. Ook tal van andere landen hebben iets dat op een echt energiebeleid lijkt.

Waar de ene stommiteit altijd concurrentie ondervindt van een nog grotere stommiteit.

En als we dan toch in gang schieten, b.v. met windparken op zee, dan vergeet men voor de hoogspanningsleidingen te zorgen die de elektriciteit kunnen brengen naar waar ze nodig is. Kan u dat geloven? Moeilijk? Ik ook. Het is nochtans de trieste werkelijkheid.

Als het om windmolens gaat, zijn er geen grenzen aan onze inventiviteit om ze niet toe te laten. Er zijn er die klagen over gezichtshinder op zee -  de windmolens staan overigens zo ver dat vele mensen ze met het blote oog niet kunnen zien; en, over gezichtshinder gesproken, wie op de dijk aan onze kust staat, kan zich daarvoor beter eens omdraaien. Of er zijn klagers over lawaai, over landschapsvervuiling, over al wat er niet passend aan zou zijn, zelfs op industrieterreinen zijn ze niet welkom; tot tientallen kilometers van Zaventem staan we de zowat meest vervuilende luchtvaart toe om windmolens te bannen, terwijl daar geen spijkerharde argumenten voor zijn.

Wanneer we de plaatsing van zonnepanelen ondersteunen, slagen we erin om te verzanden in een discussie dat de mensen ‘zonder’ betalen voor de mensen ‘met’. De werkelijkheid is dat we Electrabel elk jaar eerst bedienen met enkele miljarden euro onterechte winst op kap van de consumenten, dat hetzelfde Electrabel - als aandeelhouder met een derde van de aandelen - ook mee aanschuift bij netwerkbeheerder Eandis voor nog een kleine honderd miljoen euro, en dat hetzelfde Electrabel ook de meeste groene stroomcertificaten opstrijkt – onder andere voor heel betwiste biomassa groene stroom.

Al helemaal een giller, de ‘aanmoediging’ van elektrische voertuigen

De introductie van elektrische wagens is helemaal een giller. Een mens houdt het niet voor mogelijk maar hier is het zelfs tv-nieuws wanneer een Vlaams minister één – jawel, één – elektrische laadpaal inhuldigt... zonder dat de journalist de vraag stelt waar de tweede, derde,… duizendste… honderdduizendste... laadpaal komt.

Als het gaat om een echte ombouw van onze vervoerseconomie, is die éne laadpaal totaal irrelevant. Frankrijk heeft beslist om het elektriciteitsnet geschikt te maken voor een miljoen oplaadpunten in 2015 en vier miljoen in 2025. Nederland mikt op één miljoen elektrische wagens tegen 2020, Duitsland eveneens.

Even terzijde, maar wel immens belangrijk: Vlaanderen én België zullen eens te meer – na de trein van de windmolens en van de zonnepanelen te hebben gemist – een nieuwe industriële trein missen, nu die van de elektrische voertuigen. Dat is helemaal erg, omdat wij in al die domeinen ooit aan de spits stonden van onderzoek en ontwikkeling, en soms nog trouwens.

Wat zou er logischer zijn dan de luxepositie van Electrabel aan te pakken? Niet bij ons dus

Wie een duurzame en verzekerde energievoorziening wil aan verantwoorde prijzen, moet de onterechte luxepositie van Electrabel aanpakken, en dat geld – veel meer dan twee miljard euro per jaar - gebruiken om te investeren in de noodzakelijke overgang naar hernieuwbare energie.

Dat is meest logisch maar blijkbaar te eenvoudig voor dit land. Want aan al die kansen wordt voorbijgelopen, en het is de gewone verbruiker die nog maar eens die investering moet ophoesten… terwijl alle verbruikers vroeger al hebben betaald voor de versnelde afschrijvingen van de kerncentrales waarmee Electrabel nu volop geld schept.

Wij hebben de keuze. Beleid met wrange nasmaak, of met extra wrange nasmaak.

Omdat onze beleidsverantwoordelijken blijkbaar al tientallen jaren het monopolie van Electrabel niet grondig durven of kunnen aanpakken, is het dat ze – al te laat – met slechte oplossingen zijn gekomen. Zo bijvoorbeeld dat het de netbeheerders zijn die de groene stroomcertificaten moeten betalen. Let wel, die netbeheerders – Eandis en Infrax – rekenen die kost als vanzelfsprekend door aan de gebruikers.

Extra wrang is dat zelfs Eandis over de middelen beschikt om die kosten op zich te nemen. Maar het bedrijf verkiest van haar winst 250 miljoen euro uit te keren aan de aandeelhouders waarbij, voor een derde, ook Electrabel.

Kijk eens naar de raad van bestuur van Eandis, bijna allemaal politici

Het wordt nog wranger. Kijk eens naar de raad van bestuur van Eandis – niet om aan antipolitiek te doen maar om de politieke verantwoordelijkheid te duiden - klik hier. Het zijn in overgrote mate politici en niet van de minsten, allemaal dus – willen we toch aannemen - geroepen om goede beheerders van de publieke zaak te zijn. Wel, in onze parlementen zouden zij kunnen beslissen om Electrabel op zijn plaats te zetten en zijn monopolie eindelijk te ontmantelen, op welke wijze ook. En zelfs bij Eandis zouden zij veel meer de kant kunnen kiezen van de klanten. Met andere woorden, de politici in de raad van bestuur van Eandis kunnen zich maar moeilijk verschuilen achter de drogreden dat dit een politieke beslissing zou zijn die hen is opgedrongen.

En wat krijgen we? Geen beleid en een manke discussie over de elektriciteitsprijs

Als het over energie gaat, krijgt onze samenleving van de politiek allesbehalve wat ze mag en moet kunnen verwachten.

We moeten zeker zijn dat we in de toekomst over voldoende energie kunnen beschikken. En we weten dat we daarvoor niet kunnen blijven rekenen op fossiele brandstoffen en kernenergie. Daarom moeten we er alles aan doen om heel zuinig met energie om te springen en dus massaal investeren in energiezuinigheid. Dat is in het belang van iedereen, als we er ook over waken dat we bijvoorbeeld honderdduizenden sociale woningen bouwen die de bewoners een energierekening bezorgen die praktisch nul is.

Al even massaal moeten we investeren in duurzame, hernieuwbare energieproductie. En als het monopolie van Electrabel daarvoor moet verdwijnen, wel, dan moeten politici daarvoor zorgen.

Toestaan dat mensen tegen elkaar worden opgezet en het publieke debat wordt vergiftigd is onverantwoord

Maar wat wij krijgen aan beleid, is het één noch het ander. Erger nog, men staat toe dat het publieke debat over de noodzakelijke energetische verandering wordt vergiftigd door het tegen elkaar opzetten van consumenten, die mét en die zónder zonnepanelen. Net van politici is zoiets onverantwoord.

En dan staat men ook nog toe dat dit debat wordt belast met het in een slecht daglicht plaatsen van hernieuwbare energie. Dat is, in het licht van wat dit land moet doen om zich van een goede toekomst te verzekeren, al even onverantwoord.

Landen: 

Lees ook

Waar blijft de echte burgerparticipatie? Waar blijft de politieke moed?

De bevraging over het energiepact is schijnparticipatie: wel onze mening , geen echte stem. Net zo het zoeken van burgerkapitaal voor hernieuwbare energie: wel onze centen, geen echte participatie. Nochtans kan echte burgerparticipatie de kloof burger-politiek dichten én burgers mee aan het stuur van de transitie naar duurzaamheid zetten.

Gidsland voor publiek-civiele samenwerking? Beheren overheden én burgers hun energienetwerken?

Onze energietoekomst ligt bij een samenleving die goed samenwerkt met haar overheden. Maar echte burgerparticipatie is meer dan spaargeld van burgers zoeken voor energieprojecten. Overheden en burgers die samen de energienetwerken gaan besturen, dat is dé kans om onze democratie diepgaand te vernieuwen.