Home

Bittere Asperges uit Peru: onderbetaalde arbeid en overgebruikt water

Op de jaarlijkse Waterweek, vorige week in Stockholm - over de toekomst van het water op onze planeet – doken regelmatig de asperges uit Peru op. Een voorbeeld van domdenken op korte termijn.

Mijn overgrootouders waren kleine aspergeboeren in Bornem. Zwaar werken voor weinig geld. De tussenhandelaar die de bussels naar zijn Brusselse klanten bracht, verdiende er wat meer aan. Als we hen zouden hebben verteld dat 70 jaar later asperges uit Peru verkocht zouden worden in onze winkels, heel het jaar door, tot in Bornem: ze zouden het niet hebben kunnen geloven. Opnieuw zijn het diegenen die de groenten bij de consument brengen die er het meest aan verdienen. Maar de dag van vandaag is er meer aan de hand.

De laatste 15 jaar hebben asperges uit Ica (Peru) stap voor stap de Europese en Amerikaanse markten veroverd. Een merkwaardig fenomeen want asperges waren er vroeger niet gekend. Druiven voor de wereldvermaarde drank Pisco (tevens een belangrijke stad in Ica), pecannoten, vijgen en olijven waren de gewassen die op de arme, droge grond gedijden. Begin van de jaren ’90 importeerden Oxfam-Wereldwinkels nog pecannoten en Pisco van coöperaties uit deze streek. Die tijd is voorbij: de coöperaties gingen failliet, onder andere door juridische procedures i.v.m. grondrechten en banken die de coöperaties drooglegden. Toeval of niet: net in dezelfde periode lanceerde USAID, de Amerikaanse officiële ontwikkelingsorganisatie, een promotiecampagne voor asperges en werd een Californisch zaadbedrijf onder de arm genomen om een hybride variëteit te ontwikkelen voor Peru. Wat later slaagde een ex-minister van Landbouw er in wetten door het Peruviaanse parlement te jagen die zijn bedrijf vervolgens toelieten beslag te leggen op land en waterputten … de opmars van de asperges kon beginnen. 20.000 hectaren zijn vandaag in productie, 50.000 mensen vinden er werk, 70% zijn vrouwen en de arbeidsomstandigheden zijn niet bepaald rooskleurig te noemen.

Schandalig goedkoop
Vorig jaar voerde de Vlaamse ngo FOS nog een actie ten gunste van CGTP, Peru’s grootste vakbond. Aangeklaagd werd dat werkneemsters vaak zonder contract moeten werken, dat het minimumloon van 125 euro per maand vaak niet gerespecteerd wordt en overuren niet correct worden uitbetaald. Op de affiche stond een bussel asperges met de slogan “Schandalig goedkoop. Een halve euro per uur, geldig zolang de uitbuiting strekt”. Nu leggen toekomstige watertekorten bijkomende druk op de sector, en de vakbond…

Wateroorlog?
Recente metingen voorspellen dat binnen 15 jaar het grondwater in Ica op zou zijn, niet alleen voor de aspergeteelt. Op is op, ook voor de bevoorrading van de steden, voor het drinkwater van de honderdduizenden mensen die er wonen. Javier Chiong van het ministerie van Landbouw bevestigt: we pompen op dit ogenblik dubbel zoveel op dan wat opgevuld wordt in de grondlagen. Op de Waterweek in Stockholm was er sprake van een daling van het grondwaterpeil met 5 meter in één jaar… een trend die absoluut moet worden gekeerd, want eens een kritisch minimum bereikt, is herstel van de grondlagen haast uitzichtloos.

Efficiëntere irrigatie zal maar een deel van het antwoord bieden. Nu reeds is er sprake van het kanaliseren van water uit de hoge Andes, met ongekende gevolgen voor het ecosysteem aldaar. Alpaca- en lamakwekers vrezen voor het uitdrogen van hun graasweiden. Men overweegt zelfs om rivieren uit de Andes die naar de Amazone vloeien om te leiden naar Peru’s kustwoestijnen en aspergekwekerijen, met ongekende gevolgen voor de waterhuishouding in Brazilië. Niemand heeft vandaag antwoorden op vragen als hoeveel water kan worden weggepompt uit de hoge Andes, waar ijskappen bovendien snel afkalven, zonder te veel schade aan te richten. Welke rechten kan de landbouwindustrie dan wel de familiale overlevingslandbouw doen gelden? Maar niet alleen de landbouw, goed voor 80% van het waterverbruik in Peru, komt in de problemen. Lima, de tweede grootste woestijnstad ter wereld, na Cairo, kampt eveneens met groeiende tekorten, net als Peru’s mijnbouw (die bovendien rivieren zwaar vervuilt) en de hydro-elektrische centrales.“

Het is duidelijk dat het water toebehoort aan wie er het meest behoefte aan heeft”, zei de voorzitter van de Associatie van Aspergekwekers. Om elk misverstand te vermijden, voegde hij er aan toe: “en dat zijn wij”.

Natuurlijk is geen eenduidig antwoord te geven op deze vraag. Maar vast staat dat om tot een billijke verdeling van de waterrijkdom te komen ook wij in Europa en de Verenigde Staten een duit in het zakje zullen moeten doen. Consumenten in het Noorden, die de asperges kopen, en de hele industrie die deze groente aanbiedt, soms zelfs met allerlei certificatielabels, zijn betrokken partij. Als je bovendien meerekent dat het merendeel van de asperges vers en per vliegtuig wordt geleverd, met alle CO2-uitstoot van dien, kan het niet anders dan dat we serieuze vragen moeten stellen bij asperges uit Peru.

Marc Bontemps – Ecolife (eindredactie DB)

Klik voor website World Water Week

Klik voor Campagne Schandalig Goedkoop

Klik voor bijdrage op BBC Water policies suffer sinking feeling

Landen: 

Lees ook

Groei en bnp obsessies in coronatijd

De obsessie met groei springt opnieuw in het oog in de berichtgeving over de gevolgen van de coronacrisis. Samenlevingen zouden te maken krijgen met iets als ‘negatieve groei’ van hun economie.

Staat wie zoiets schrijft of uitspreekt er niet bij stil dat groei nooit negatief kan zijn? Groei betekent groter worden, toename.

In het omgekeerde geval is het afname, achteruitgang of krimp, zoals watervoorraden die afnemen, krimpend bosareaal of achteruitgang van de mentale gezondheid… en dus ook economische krimp of achteruitgang.