Home

Herexamen voor transitiewetenschappers

Om goed te blijven leven, moeten we zo snel mogelijk overstappen op een stationaire economie die de draagkracht van de aarde niet overschrijdt. Maar na tientallen jaren is het economische verhaal van transitiewetenschappers nog steeds héél onaf en blijven ze ons de antwoorden op vele vragen schuldig.

Gelukkig hebben we die antwoorden niet nodig om nu voluit te gaan voor windmolens, zonnepanelen, duurzaam (ver)bouwen, openbaar vervoer, elektrische voertuigen, voor deelsystemen in handen van de samenleving, voor producten die langer leven, herstelbaar zijn en deel uitmaken van een circulaire economie en van een nieuwe industrialisering… voor die transitiefase vol opbouw van duurzame alternatieven kunnen we deels nog gebruikmaken van bekende werkwijzen en concepten, en lossen we tegelijk zelfs aloude problemen en knelpunten op.

Zo is geld, waaronder het vele spaargeld van burgers, tegen een redelijke vergoeding inzetbaar voor de financiering en het creëren van de nieuwe economie. Zo kan die nieuwe economie al veel meer dan de oude van de burgers zelf zijn. Zo scheppen de noodzakelijke duurzame investeringen mee het werk voor de vele werklozen in de wereld, bezorgen ze hun een inkomen en verminderen ze de ongelijkheid. Zo zorgen de nieuwe activiteiten voor fiscale inkomsten waarmee publieke goederen en diensten kunnen worden betaald. Evenzo creëren ze de inkomsten voor een robuust socialezekerheidssysteem. Daarmee tonen we onmiskenbaar dat het wel degelijk anders kan.

Hoe zonder ongelukken
in stationaire economie belanden?

Maar intussen blijven we wel zitten met grote onzekerheden. Hoe landen we uiteindelijk zonder zware ongelukken na de drukke overgangsfase van de komende decennia in een stationaire economie? Transitiewetenschappers moeten ons een geloofwaardig antwoord verschaffen op die vraag. En ze moeten nog veel meer zwakheden en leemten wegwerken in het stationaire verhaal, en meer algemeen in het transitiedenken.

Zo zijn overtuigende antwoorden nodig op de volgende essentiële systemische vragen over de stationaire economie die we over enkele decennia moeten bereiken.

Hoe functioneert een economie
waarin geld aan waarde moet verliezen?

Als de stationaire economen rente afwijzen omdat dat mechanisme eeuwigdurende groei noodzakelijk maakt, hoe functioneert een economie dan waarin geld niets meer mag opbrengen of met de tijd zelfs aan waarde moet verliezen? Is er dan nog spaargeld? Vormt sparen nog een mechanisme voor mensen om te kunnen dromen van en investeren in duurzaam wonen? Om hun stationaire economie te onderhouden? Om zich veilig te voelen voor hun oude dag? Hoe mobiliseren we middelen voor infrastructuur en andere collectieve goederen?

Als we systemisch alternatieve munten zouden invoeren, hoe zit het dan met de fiscale basis voor overheidsdiensten en de inkomsten voor socialezekerheidsmechanismen? Hoe betalen we met andere woorden pensioenen, gezondheidszorg, onderwijs?

Hoe garanderen we het recht op werk? Hoe introduceren we het best een basisinkomen? Meer algemeen, hoe verzekeren we de aanspraak op al wat het leven menselijk maakt?

Van wie is de circulaire economie?

Als we omschakelen naar een economie die circulair is en veel meer op diensten inzet, van wie is die economie dan? Wie is dan eigenaar van de grondstoffen, de producten en die diensten?
We maken ons allang terecht zorgen over het oligopolie in tal van sectoren, over wat bijvoorbeeld oliemultinationals of banken uitspoken de wereld rond. Maar dat Google en Facebook de facto eigenaar zijn van alles wat we doen via die nieuwe communicatiesystemen – anders dan rivieren of wegen zijn die privébezit – en dat bezit onbeperkt commercieel kunnen exploiteren, is daar sterrenstelsels voorbij.
Of aan de meer materiële kant van de economie: als een bedrijf een materiaalstroom kan dichten, verwerft het dan ook het monopolistische eigenaarschap van die circulaire materiaalstroom?

En als er antwoorden komen op die en andere wezenlijke vraagstukken, hoe gaan we dan zonder economische, sociale en democratische averij op te lopen over van een economie die we snel verduurzamen in een stationaire economie?

Het zijn vele vragen. Maar nogmaals, geen enkele vraag vormt een reden om de dringende transitie niet direct aan te vatten. Wel wijzen ze erop dat de duurzame economie die we creëren, er heel anders kan uitzien dan stationaire economen zich inbeelden.

Dirk Barrez

Deze bijdrage is gebaseerd op hoofdstuk 15 'Het verhaal van de stationaire economie is onaf' uit TRANSITIE.
De auteur is hoofdredacteur van PALA.be. Zijn recentste boeken zijn TRANSITIE. Onze welvaart van morgen en Coöperaties. Hoe heroveren we de economie?

Lees ook Kijk mama, zonder hersens - we hebben eerlijke wetenschappers en hun echte wetenschap hard nodig maar dan moet de wetenschappelijke wereld dringend ons vertrouwen opnieuw verdienen.

Uw doordachte reacties zijn heel welkom op het emailadres infoATpala.be

Overname van dit artikel toegelaten voor niet-commerciële en niet-gesubsidieerde organisaties met vermelding van auteur en bron, met weblink. Wij vernemen het graag | Commerciële en/of gesubsidieerde organisaties nemen voor publicatie contact op met info@pala.be

Tot het einde gelezen? En het artikel gewaardeerd?
Dan kan Pala misschien op uw steun rekenen.
We verwelkomen u graag als steungever - klik hier

Regio's: 

Lees ook

Crises en machtswissels vroeger en nu. Hoe de grote gevaren van VS-China clash keren?

De economische machtswissels door de eeuwen heen, van Amsterdam naar Groot-Brittannië en vervolgens de Verenigde Staten, gingen gepaard met hevige krediet- en andere crises. Het levert een belangrijk gezichtspunt om naar de huidige opbouw van schulden te kijken in de nog altijd dominante VS en het opkomende China.

Lou Keune recenseert Transitie

"Een boek dat zowel de verscheidenheid als de samenhang van de vraagstukken laat zien." Lou Keune recenseert 'Transitie. Onze welvaart van morgen'. De recensent is econoom en voormalig universitair hoofd­docent aan de Universiteit van Tilburg. Tevens is hij oprichter en adviseur van Platform DSE.