Home

Sociale beweging versus civiele samenleving of middenveld

Sociale bewegingen zijn duidelijk gericht op verandering in de samenleving. Ze nemen geen genoegen met de huidige gang van zaken, maar ageren voor een eigen project, voor hun alternatieven, voor hun ideeën over hoe sommige maatschappelijke vraagstukken het best worden aangepakt en opgelost. Voorbeelden zijn de arbeidersbeweging, de vrouwenbeweging, de vredesbeweging, de mensenrechtenbeweging, de milieubeweging, de boerenbeweging, de bewegingen van inheemse volkeren, de beweging van landlozen en allerhande bevrijdingsbewegingen. Want wat willen al die sociale bewegingen? Ze willen sociale, economische, politieke, culturele en zelfs ecologische veranderingen.

Uit Dirk Barrez, De antwoorden van het antiglobalisme. Van Seattle tot Porto Alegre, p.195-197

Het is belangrijk om sociale bewegingen te onderscheiden van de civiele samenleving, ook wel het maatschappelijke middenveld genoemd. Dat is het geheel van vrije organisaties en van pressiegroepen tussen de staat en het individu. Vaak hoort daarbij de gedachte dat die civiele samenleving als een rem kan werken op een dictatoriale ontsporing van de politieke macht. Het bestaan van een civiele samenleving garandeert als het ware het democratisch functioneren van een samenleving. Democratische politici moeten er dus, in het belang van de democratie, over waken dat de autonome bewegingsruimte van de civiele samenleving niet wordt aangetast.

Ook al loopt het niet altijd even vlot, we merken toch hoe overal ter wereld steeds meer mensen uiting geven aan hun emancipatiedrang. Ze verenigen zich in politieke organisaties, in bevrijdingsorganisaties, in vakbonden. Boeren, vrouwen, landlozen, consumenten, minderheden, ze organiseren zich allemaal. Er komen coöperaties en organisaties rond milieu, mensenrechten en cultuur, die stuk voor stuk als doel hebben meer greep te krijgen op de levenscondities, die rechten willen uitzoeken, formuleren en opeisen. Op dit maatschappelijke middenveld tussen individu en overheid wordt het almaar drukker. Daar is er met andere woorden veel sociale beweging, trouwens in allerlei richtingen.

Maar het maatschappelijke middenveld is op zichzelf natuurlijk nooit een sociale beweging met een eigen veranderingsproject. Hoeveel beweging er ook gist in dit middenveld, wat er ook mag ontstaan aan organisatie, de term ‘civiele samenleving’ is toch vooral een analytisch begrip dat ons doet begrijpen dat er tussen individu en staat geen leegte is. Het begrip maakt ook duidelijk dat er tussen of naast de economische wereld van de bedrijven en de politieke, regulerende wereld van de overheid nog een derde wereld bestaat: die van de samenleving. De civiele samenleving is een wereld waar de relaties tussen mensen niet zijn gebaseerd op de economische krachten van de markt of op de wettelijke normen van de overheid, maar waar mensen zich op vrije basis kunnen associëren. Daar kunnen sociale bewegingen gestalte krijgen die het democratiseringsproces van de wereldsamenleving voortstuwen, die erin slagen om de politiek zover te krijgen om hun project wettelijk te vertalen en die de economie kunnen verplichten om deels anders te opereren. De arbeidersbeweging wist via politieke partijen haar project politiek te vertalen en werd een stevig tegenwicht voor de ondernemingswereld.

Bloeiende civiele samenleving als voedingsbodem voor antiglobaliseringsbeweging

De begrippen ‘sociale beweging’ en ‘civiele samenleving’ dekken dus niet dezelfde lading. Toch kennen sommige antiglobalisten vooral de civiele samenleving oneigenlijke betekenissen toe. Soms willen ze van de civiele samenleving zelfs die krachtige sociale beweging maken die de wereld op het spoor van een alternatief systeem voor het kapitalisme zal zetten.

Tussen civiele samenleving en sociale beweging kan wel een verband optreden. Hoe meer beweegruimte de mondiale civiele samenleving heeft, hoe meer zuurstof ze krijgt om zich te uiten en te organiseren en hoe meer kansen een mondiale sociale beweging krijgt om vorm te krijgen en aan kracht te winnen. Er is dus een relatie mogelijk: een bloeiende mondiale civiele samenleving kan een ideale voedingsbodem zijn voor een krachtige mondiale sociale beweging.

Dat is volgens mij precies wat momenteel aan het gebeuren is. Over de hele wereld is het maatschappelijke middenveld de jongste decennia veel rijker geworden. Wereldwijde democratisering geeft mensen overal kansen om zich te verenigen en te organiseren, wat ook vol enthousiasme gebeurt. Gaandeweg ontdekken mensen dat vrij veel van hun problemen verre wortels hebben, dat ze afhankelijk zijn van wat er ver van hun bed wordt beslist, soms aan het andere eind van de wereld. Meer nog, ze beseffen dat ze afhankelijk – zelfs speelbal – zijn van totaal onvoorspelbare en volledig losgelaten financiële markten.

Dat besef leidt stilaan ook tot een internationalisering van de civiele samenleving, tot een mondiale civiele samenleving. De vakbonden streven daar al langer naar, voorlopig met veel vallen en opstaan. Er zijn internationale milieubewegingen, internationale vrouwenbewegingen, internationale campagnes voor ‘schone’ kleren, tegen de schuldenlast, voor het behoud van biodiversiteit… Al die fenomenen samen – de volle rijkdom van een bruisende civiele samenleving, de internationalisering van die civiele samenleving, de groeiende waaier van sociale bewegingen die de wereld als hun actieterrein beschouwen – zijn een vruchtbare voedingsbodem voor het opbloeien van één grote, mondiale sociale beweging tegen het bestaande financiële kapitalisme die haar alternatieven aandraagt.

Vanzelfsprekend blijft de fundamentele structurele oorzaak voor het ontstaan van een dergelijke beweging de groeiende onmacht van het huidige financiële kapitalisme om de welvaart en het welzijn van de gehele mensheid te verzekeren. De vraag rijst hoe de mondiale samenleving daarmee omgaat.

Uit 'Barrez Dirk, De antwoorden van het antiglobalisme. Van Seattle tot Porto Alegre', 2001 | 2004, p.195-197

*********************

Bloeiende civiele samenleving

Een bloeiende civiele samenleving of een maatschappelijk middenveld is van levensbelang voor een democratische samenleving die actief de verwezenlijking van de mensenrechten voor iedereen nastreeft.

Overheden moeten dit middenveld alle vrijheden geven en volop ontplooiingskansen verschaffen in de mate dat het om krachten gaat die het democratiseringsproces van de wereld verder stuwen. Zij zijn de medespeelsters en bondgenoten van de politieke vertegenwoordigsters in de verdediging en de uitbouw van een democratische samenleving.

Uit 'Het programma voor een menselijke samenleving'. Dit programma is zowel te vinden in 'Van eiland tot wereld' als in 'van Verontwaardiging naar Verandering'. Beide boeken van Dirk Barrez zijn ook samen te koop voor slechts € 15, verzending inbegrepen - klik hier

Zie ook middenveld in het PALA woordenboek

Thema: 

Lees ook

Groei en bnp obsessies in coronatijd

De obsessie met groei springt opnieuw in het oog in de berichtgeving over de gevolgen van de coronacrisis. Samenlevingen zouden te maken krijgen met iets als ‘negatieve groei’ van hun economie.

Staat wie zoiets schrijft of uitspreekt er niet bij stil dat groei nooit negatief kan zijn? Groei betekent groter worden, toename.

In het omgekeerde geval is het afname, achteruitgang of krimp, zoals watervoorraden die afnemen, krimpend bosareaal of achteruitgang van de mentale gezondheid… en dus ook economische krimp of achteruitgang.